De Administratieve Raad voor Toetsing

25-03-2015

De voorzitter van de Administratieve Raad voor Toetsing (ABoR), Jean-Paul Redouin, beantwoordt vragen over de rol van de raad in het nieuwe tijdperk van het ECB-bankentoezicht.

The ABoR

Administratieve Raad voor Toetsing (per 25 maart 2015)

Kunt u kort uitleggen welke positie het ABoR inneemt binnen het totale kader van het bankentoezicht?

Ja, het lijkt mij van belang dat de mensen weten wat we eigenlijk doen. Wij zijn geen adviseur van de Raad van Bestuur. Maar we zijn ook geen rechter. Samen zijn we vijf permanente en twee plaatsvervangende leden, afkomstig uit verschillende landen en met een verschillende achtergrond. We hebben ervaring opgedaan bij centrale banken, bij het bankentoezicht en in het bankenrecht – we hebben zelfs twee hoogleraren als lid. We zijn vanaf augustus 2015 allemaal voor vijf jaar benoemd.

Welke rol speelt de ABoR precies?

Iedere natuurlijke of rechtspersoon mag toetsing aanvragen van een toezichtsbesluit van de ECB dat tot die persoon is gericht of dat voor die persoon van rechtstreeks en individueel belang is. Naar aanleiding van een dergelijk verzoek voeren wij een interne administratieve toetsing uit van het ECB-besluit. Op grond van onze deskundigheid en ons oordeel brengen wij dan advies uit. Degene die het verzoek tot toetsing indient, kan er ook voor kiezen een ECB-besluit direct bij het Europese Hof van Justitie aan te vechten.

Zijn de Raad van Toezicht en de Raad van Bestuur verplicht het advies van de ABoR over te nemen?

Ons advies is niet bindend. Het staat de Raad van Toezicht vrij het al dan niet op te volgen en aan de Raad van Bestuur voor te stellen zijn oorspronkelijke besluit te wijzigen of te bevestigen. De Raad van Bestuur van de ECB heeft het recht het advies al dan niet op te volgen en tot deze of gene handelwijze te besluiten.

Wat gebeurt er als de Raad van Bestuur besluit uw advies naast zich neer te leggen?

Een bank kan het besluit vervolgens aanvechten bij het Europese Hof van Justitie en krijgt dan inzage in al onze beraadslagingen. Het Hof merkt het op wanneer een aanbeveling niet is opgevolgd en zal vragen waarom niet.

U heeft dus echt macht?

Ja. Dat wij bestaan is direct terug te voeren op de beginselen die aan de oprichting van de ECB en de invoering van een monetaire unie ten grondslag liggen. Omdat de ECB de bevoegdheid had om het monetaire beleid voor alle eurolanden te bepalen, moest ze ook verantwoording afleggen.

Inmiddels hebben we een tweede grote pijler opgericht, de bankenunie, waarin de Raad van Toezicht en vervolgens de Raad van Bestuur besluiten nemen over banken. Deze banken hebben veel mensen in dienst en deze besluiten kunnen gevolgen hebben voor de wijze waarop deze banken werken.

De EU-wetgever heeft voor het bankentoezicht daarom een stelsel met ingebouwde checks and balances opgezet. Banken die het niet met een besluit eens zijn, kunnen een toetsing aanvragen.

We hebben dus een stelsel waarin de ECB onafhankelijke besluiten neemt. De ABoR, die uit onafhankelijke leden bestaat, heeft echter het recht om op verzoek van een bank deze besluiten te toetsen en advies uit te brengen.

Heeft u ook ontmoetingen met vertegenwoordigers van de banken?

Ja, we werken niet alleen op basis van verslagen en argumenten die door de banken worden aangedragen, we trekken ook tijd uit om met ze om de tafel te gaan zitten. Dus komen de vertegenwoordigers van de banken hiernaartoe, naar Frankfurt. Het is al een paar keer voorgekomen dat de directeur of CEO de argumentatie van de bank kwam toelichten. Dat geeft ons de gelegenheid te achterhalen wat er precies achter hun bezwaar tegen het ECB-besluit steekt.

Hoe ziet het werkschema eruit? Hoe heeft u het tot nu toe ervaren?

Het is tot nu toe erg intensief. Tussen de vergaderingen door houden we videoconferenties om op de hoogte te blijven en stukken te bestuderen. Het is een uitwisseling van meningen en zoiets kost tijd. We moeten vanuit verschillende opvattingen tot een oordeel komen. De verordening schrijft een stemming voor. Als voorzitter vind ik het essentieel dat we een open en eerlijke discussie voeren. Het is echt teamwerk. En tot nu toe gaat het goed.