Veelgestelde vragen bij het persbericht over de wijzigingen in het kader voor toezichtsvergoedingen

17 december 2019

Waarom heeft de ECB twee openbare raadplegingen gehouden?

De ECB is in juni 2017 gestart met de evaluatie van haar kader voor toezichtsvergoedingen. In dat verband organiseerde ze een openbare raadpleging, waarin ze om feedback en suggesties vroeg om het kader waar mogelijk te verbeteren. Na afsluiting van de openbare raadpleging van 2017 analyseerde de ECB alle ontvangen opmerkingen en voerde ze intern een evaluatie uit. De uitkomsten daarvan stonden aan de basis van de verbetervoorstellen die ECB in de tweede openbare raadpleging (van april 2019) voorlegde. Een tweede openbare raadpleging stelde de ECB in staat met het publiek in gesprek te treden over de methodiek voor de toezichtsvergoedingen. De ECB heeft geprobeerd de zorgpunten van individuele stakeholders waar mogelijk op te lossen en daarbij een transparant vergoedingenkader te behouden dat voor zoveel mogelijk banken zo redelijk mogelijk is.

Hoeveel opmerkingen heeft de ECB in totaal ontvangen tijdens de openbare raadpleging in 2019?

De ECB heeft in totaal elf reacties ontvangen, met 47 individuele opmerkingen. Alle reacties waren in het Engels, met uitzondering van één reactie in het Duits. De reacties waren afkomstig van drie nationale bevoegde autoriteiten, zes bankenverenigingen, één onder toezicht staande entiteit en één andere marktdeelnemer.

Ontvangen opmerkingen

Wat zijn de belangrijkste wijzigingen in de verordening ten opzichte van de versie van april 2019?

Op basis van de ontvangen opmerkingen heeft de ECB besloten tot verhoging van de drempel voor de korting die kleinere minder belangrijke instellingen (less significant institutions – LSI’s) krijgen op de minimumvergoedingscomponent. Deze drempel is gebaseerd op de totale activa en is verhoogd van maximaal € 500 miljoen tot maximaal € 1 miljard. Daarnaast is de juridische verplichting om een schatting van de jaarlijkse kosten voor de vergoedingsperiode te publiceren op de website van de ECB, opnieuw in de verordening opgenomen.

Tevens heeft de ECB enkele redactionele aanpassingen in de wijzigingsverordening doorgevoerd, vooral om de terminologie in de verordening en die in het uitvoeringsbesluit betreffende de vergoedingsfactoren (Besluit (EU) 2015/530 van de ECB van 11 februari 2015 betreffende de methodologie en procedures voor de gegevensvaststelling en -verzameling aangaande voor de berekening van de jaarlijkse vergoeding voor toezicht toegepaste vergoedingsfactoren (ECB/2015/7) (PB L 84, 28.3.2015, blz. 67)) op één leest te schoeien. De geconsolideerde versie van de verordening (inclusief alle wijzigingen) wordt samen met het feedbackdocument ter informatie verstrekt.

Waarom herziet de ECB tegelijkertijd het besluit betreffende de vergoedingsfactoren?

Naar aanleiding van de wijzigingen in de verordening over de vergoedingen moet het uitvoeringsbesluit (over de vergoedingsfactoren) ook worden bijgewerkt.

Deze update vindt tegelijkertijd plaats; dit pakket omvat dus alle wijzigingen van het kader. In het herschikte besluit betreffende de vergoedingsfactoren heeft de ECB rekening gehouden met diverse commentaren van beide openbare raadplegingen.

Beide rechtsinstrumenten gelden met ingang van de vergoedingsperiode 2020.

Hoe informeert de ECB de banken over de nieuwe procedure?

De ECB zal de vergoedingsplichtige instellingen tijdens de overgangsperiode geregeld informeren over de praktische gevolgen van de veranderingen en hun de weg wijzen door de nieuwe procedures. Ze hebben betrekking op a) de nafacturering; b) het hergebruik van toezichtsgegevens; c) de taalversie van de vergoedingskennisgeving; en d) het gebruik van een managementverklaring in plaats van verificatie door een accountant.

Vooral de nafacturering zorgt voor veranderingen in het tijdsschema. Verder is er een nieuwe procedure nodig voor het bevestigen van de gegevens die zijn afgeleid van eerder gebruikte toezichtsgegevens. Daarom bevat punt 3 van het feedbackdocument een algemene beschrijving van deze nieuwe onderdelen. Nadere informatie volgt in de loop van 2020.