Wat houdt het toezicht op de deskundigheid en betrouwbaarheid in?

18 maart 2016 (bijgewerkt op 22 maart 2019)

Deskundigheid en betrouwbaarheid

Wat houdt het toezicht op de deskundigheid en betrouwbaarheid in?

De (uitvoerende en niet-uitvoerende) bestuurders van banken moeten in staat zijn besluiten te nemen waarmee wordt gewaarborgd dat hun bank op een gezonde en prudente wijze opereert. In het verlengde daarvan zorgen dergelijke besluiten ervoor dat de banksector als geheel solide is en blijft.

Het zijn de banken die verantwoordelijk zijn voor het vinden van geschikte bestuurders en die ervoor dienen te zorgen dat ze geschikt blijven. Bij de ECB zien we toe op dit proces en controleren we dat de bestuurders hun functie deskundig en betrouwbaar kunnen vervullen. Eerst en vooral moeten we voorkomen dat personen worden aangesteld die het correct functioneren van een bank in de weg zouden kunnen staan, of die bij een ernstig probleem hun functie blijven vervullen. De ECB vervult derhalve de poortwachtersrol voor de leidinggevende organen van de banken.

Wie valt onder dit toezicht?

We nemen alleen deskundigheids- en betrouwbaarheidsbesluiten met betrekking tot de bestuurders van de banken waarop we direct toezicht houden, d.w.z. de belangrijke banken die onder het Europees bankentoezicht staan. Met betrekking tot de bij deze banken werkzame functionarissen met een sleutelfunctie (bijv. hoofden van interne beheersingsfuncties wanneer deze geen zitting hebben in het leidinggevend orgaan) nemen we alleen deskundigheids- en betrouwbaarheidsbesluiten wanneer de nationale wetgeving dit vereist. Bij de minder belangrijke banken worden deze besluiten nog steeds door de nationale toezichthouder genomen, behalve indien er sprake is van een nieuwe bankvergunning.

Aan welke criteria moeten potentiële bestuurders voldoen?

Voor nieuwe bestuurders geldt dat we de deskundigheids- en betrouwbaarheidsbeoordeling uitvoeren in overeenstemming met de nationale wetgeving ter omzetting van de Richtlijn kapitaalvereisten (Capital Requirements Directive – CRD). We beoordelen de te benoemen (of reeds benoemde) kandidaten aan de hand van de vijf deskundigheids- en betrouwbaarheidscriteria uit de CRD:

Vijf criteria voor deskundigheids- en betrouwbaarheidsbeoordelingen
Kennis, vaardigheden en ervaring Beschikt de kandidaat over de kennis, vaardigheden en ervaring om een specifieke functie bij de bank te vervullen?
Reputatie Heeft de kandidaat een strafblad of een voorgeschiedenis van bestuurlijke of fiscale onregelmatigheden? Is de kandidaat betrokken bij lopende rechtszaken?
Belangenconflicten Bij het nemen van besluiten moeten bestuurders in staat zijn zonder externe invloed op te treden. Heeft de kandidaat conflicterende belangen die een objectieve besluitvorming in de weg zouden kunnen staan?
Te besteden tijd Is de kandidaat in staat voldoende tijd te besteden aan de binnen de bank te vervullen functie?
Collectieve geschiktheid van het leidinggevend orgaan Wat betreft de toegevoegde waarde van een bepaalde kandidaat voor het leidinggevend orgaan als geheel, hoe past de kandidaat binnen de algehele samenstelling van dat orgaan?

Hoe wordt een deskundigheids- en betrouwbaarheidsbeoordeling uitgevoerd?

Om te beginnen, de banken zijn zelf verantwoordelijk voor het benoemen van geschikte personen en moeten daarom over een gedegen procedure beschikken om de beste kandidaten te vinden.

De bank legt vervolgens de documentatie over de kandidaat voor aan de nationale toezichthouder (niet de ECB) ter beoordeling van de deskundigheid en betrouwbaarheid; hierbij maakt de bank gebruik van het desbetreffende nationale formulier.

Na de start van de procedure ondersteunt de nationale toezichthouder de afdeling Autorisatie binnen de ECB en het voor de bank verantwoordelijke toezichtsteam (Joint Supervisory Team – JST) om te komen tot een gezamenlijke beoordeling. Het is belangrijk dat het JST bij de beoordeling betrokken wordt, omdat dit er mede voor zorgt dat de deskundigheids- en betrouwbaarheidsbesluiten in lijn zijn met het algehele toezicht op de bank. De ECB neemt het definitieve besluit.

De gehele procedure verloopt dus schriftelijk?

Niet uitsluitend. Bij het opstellen van de documentatie over een kandidaat kan de beoordeling altijd worden besproken tijdens informeel overleg tussen de toezichthouder en de bank. In de loop van de beoordelingsprocedure kunnen we ook besluiten de kandidaat te interviewen ter aanvulling van de schriftelijk door de bank verstrekte informatie. Dit geeft ons tevens de mogelijkheid te bespreken wat onze specifieke verwachtingen rond de toekomstige functie van de kandidaat zijn.

Natuurlijk heeft de kandidaat het recht gehoord te worden, wanneer de ECB voornemens is hem of haar af te wijzen.

Hoeveel tijd neemt de deskundigheids- en betrouwbaarheidsbeoordeling in beslag?

De duur van een beoordeling hangt vooral samen met de beschikbaarheid van informatie en is afhankelijk van

  1. de volledigheid van de door de bank verstrekte informatie,
  2. de snelheid waarmee de nationale toezichthouder eventuele aanvullende informatie kan verzamelen, en
  3. eventuele vertragingen bij het ontvangen van deze informatie, vooral in landen waar de beoordeling wordt uitgevoerd nadat de kandidaat is benoemd.

In sommige landen wordt de beoordeling opgeschort of onderbroken indien de onder toezicht staande bank wordt gevraagd aanvullende informatie te overleggen. De algehele doorlooptijd wordt verder in belangrijke mate beïnvloed door andere factoren, zoals de complexiteit van de beoordeling (bijv. het profiel, de rol en de positie van de kandidaat) en de behoefte aan een interview of een hoorzitting.

Tevens houden we rekening met in de nationale wetgeving opgenomen deadlines en moedigen we de banken aan zich te houden aan de beoordelingsperiode van vier maanden die is opgenomen in de gezamenlijk door ESMA en de EBA uitgebrachte richtsnoeren voor het beoordelen van de geschiktheid van leden van het leidinggevend orgaan en medewerkers met een sleutelfunctie.

Kan een kandidaat in een functie beginnen voordat hij of zij groen licht heeft gekregen?

Het moment waarop de beoordelingsprocedure begint, verschilt van land tot land: de banken moeten bij hun nationale toezichthouder een aanvraag indienen of deze op de hoogte stellen zodra een kandidaat in zijn of haar nieuwe functie is begonnen, of ze moeten een aanvraag bij de toezichthouder indienen voordat een kandidaat de functie gaat vervullen.

Geeft een gunstig besluit over de deskundigheid en betrouwbaarheid de kandidaat het recht om bij elke bank aan de slag te gaan?

Nee, een besluit over de deskundigheid en betrouwbaarheid betreft een momentopname en geldt voor een specifieke bank. Wanneer de situatie verandert, bijvoorbeeld als de kandidaat naar een andere bank overstapt, moet er een nieuwe beoordeling worden uitgevoerd.

Heeft u ooit een door een bank voorgestelde kandidaat afgewezen?

Allereerst maken we onze besluiten over de deskundigheid en betrouwbaarheid niet openbaar. Normaal gesproken verwachten we echter niet veel aanvragen te hoeven afwijzen, aangezien de banken op de hoogte zijn van de criteria waaraan hun kandidaten moeten voldoen.

Bovendien zijn onze besluiten niet altijd simpelweg positief of negatief. Soms leggen we de kandidaat en de bank verplichtingen op; we kunnen bijvoorbeeld van de kandidaat eisen dat deze een bepaalde opleiding volgt of een functie buiten de bank opgeeft, of we kunnen de bank vragen ons op de hoogte te houden van een lopende rechtszaak.

De deskundigheids- en betrouwbaarheidsbeoordelingen zijn gebaseerd op een behoorlijke en eerlijke procedure. Als we bezorgd zijn dat een kandidaat mogelijk niet aan de wettelijke criteria voldoet, dan stellen we de bank en de desbetreffende persoon hiervan op de hoogte. Wanneer het duidelijk wordt dat de zorgpunten niet volledig kunnen worden weggenomen, kan de desbetreffende bank en/of de kandidaat besluiten de aanvraag te heroverwegen.